Slang monteren (zie afbeeldingen D−F)
Monteer afhankelijk van de toepassing de juiste slang:
- Voor het afzuigen steekt u de zuigslang (15) tot aan de aanslag in de bijbehorende slanghouder (1).
- Voor het uitblazen pakt u de diffusor (22) weg en steekt u de uitblaasslang (23) tot aan de aanslag in de bijbehorende slanghouder (6). Breng de diffusor (22) weer in de slanghouder (6) aan als u de uitblaasslang (23) verwijdert.
Aanwijzing: Door verschillende aansluitgroottes wordt gewaarborgd dat de zuigslang (15) niet kan worden gebruikt voor uitblazen.
- Gebruik voor het uitblazen uitsluitend een schone uitblaasslang. Stof kan gevaarlijk voor de gezondheid zijn.